Kort geleden haalden twee berichten het nieuws. Het ene ging over de verdeling van topsportgelden over sportbonden en het andere was het rapport van het Mulieri Instituut  in Utrecht over de teruglopende levensvatbaarheid en toekomstbestendigheid van sportverenigingen. Risk en Sport verbaast zich over het verschil in aandacht dat beide onderwerpen kregen. Kranten en sociale media besteedden volop aandacht aan het eerste onderwerp, het tweede kreeg veel minder publiciteit én bovendien van kortere duur. Het zal u, als trouwe lezer, niet verbazen dat wij dit vanuit risicomanagementperspectief onder de loep hebben genomen.

Wat zijn de (grote) risico’s van mindere topprestaties, als dat al het gevolg zou zijn van niet met de prijsstijgingen en dergelijke toenemende toedeling van gelden? Om te beginnen is er het risico op minder medailles op Olympische Spelen en ander aansprekende sportevenementen. Daarbij hoort ook daling op de landenranking. Dat is erg jammer, maar dit zal geen grotere effecten hebben dan op de beleving, op het Oranjegevoel. Ook de neveneffecten voor horeca en merchandise zullen beperkt zijn. De actieve sportbeoefening wordt niet of nauwelijks geraakt.  Wel bestaat het risico dat sportbonden het tekort in de financiering van topsport niet gaan opvangen door minder geld in de topsport te steken, maar dat gaan financieren uit contributieverhogingen en/of subsidiering van de topsport door de breedtesport met alle gevolgen van dien.

Wetenschappelijk bewijs?

Risk en Sport heeft al meerdere keren gevraag of er wetenschappelijk bewijs is voor een oorzakelijk positief verband tussen (betere) topsportprestaties en toename van de sportbeoefening en dan specifiek voor de sporten die (buitengewoon) goed presteren.

Het rapport over de verminderde weerbaarheid van sportverenigingen herbergt veel grotere risico’s. Verenigingen moeten stoppen door gebrek aan leden en/of vrijwilligers. Dat is met name funest voor minder dicht bevolkte regio’s,  waar sommige sporten in kleine dorpen een stille dood tegemoet gaan of verdwijnen.

Naar onze mening is dit een sluipende crisis. Die zijn vaak erger dan een acute crisis, waar iedereen direct in de bestrijdings- en oplosmodus schiet. Vergelijk het met de aanpak van bijvoorbeeld de klimaatcrisis in de politiek. Eerst de problemen van vandaag en morgen oplossen. We voelen de nood vandaag nog niet aan den lijve.  Hogere contributies leiden  onvermijdelijk tot ledenverlies en raaken bevolkingsgroepen waar sporten toch al niet de hoogste participatiegraad kent.  Verenigingen vormen de basis van de sport in Nederland. Naast het gezondheidsaspect zijn ook sociale verbinding en persoonlijke groei cruciale elementen. Last but not least: niemand is ineens een topsporter/uitblinker/winnaar!

De lezer denkt misschien dat er een aantal open deuren wordt ingetrapt. Mogelijk, en onze ervaring is dat risico’s zeker niet worden ontkend. , Maar worden echte keuzes gemaakt of is het nog steeds alle ballen in de lucht houden, totdat het niet meer kan onder het motto ‘tot nu toe hebben we het ook nog altijd gered’?  Komt tijd komt raad, toch?